KNMO benadrukt belang verenigingen in cultuuronderwijs

De KNMO is teleurgesteld dat Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschapin haar  visie op ten aanzien van cultuuronderwijs op geen enkele manier aandacht besteed aan de positie en taak van de amateurverenigingen in Nederland in relatie tot het cultuuronderwijs. Zij dringt er bij het Ministerie op aan om gebruik te maken van de bestaande kennis bij de muziekverenigingen.

 

De KNMO onderschrijft de visie van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op diverse onderdelen. Met name het feit dat onderkend wordt dat het primair onderwijs het fundament vormt voor de culturele vorming en creativiteitsontwikkeling van kinderen. De KNMO is blij dat goed cultuuronderwijs aandacht krijgt en juist het delen van kennis en het leggen van verbindingen een belangrijk uitgangspunt is van het beleid.

 

Uit publicaties blijkt dat de meeste kunstbeoefenaars in de leeftijdscategorie van 6 jaar tot 19 jaar les hebben via hun vereniging. In totaal blijkt dat er 1.476.000 lesvolgende kunstbeoefenaars zijn waarvan 695.000 leden les hebben via hun vereniging, al dan niet in samenwerking met de muziekschool / centrum voor de kunsten. Inmiddels zijn er diverse succesvolle projecten in Nederland waarin primair onderwijs, professionele culturele instellingen en amateurverenigingen actief samenwerken en deze kruisbestuiving geeft inspiratie voor de toekomst.

 

De KNMO constateert echter dat veel lokale overheden (gemeenten/provincies) noodgedwongen keuzes moeten maken in hun beleid. In veel gevallen zijn juist de amateurverenigingen de dupe van deze keuzes. Subsidies worden sterk teruggebracht zo niet stopgezet waardoor het voortbestaan van veel verenigingen en de belangrijke taken die zij uitvoeren in het gedrang komen. Juist de muziekverenigingen in de amateurkunstsector zijn in staat om door de grote betrokkenheid bij de samenleving een groot deel van hun budget zelf te realiseren, een ondersteuning van de overheden om de investering in muziekonderwijs te realiseren blijft echter bittere noodzaak.

 

Wij doen dan ook een beroep op het Ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap om een meer stimulerende visie neer te leggen met betrekking tot de relatie tussen (primair) onderwijs en amateurverenigingen. De KNMO ziet met haar leden volop kansen om een actieve rol te spelen en verbindingen te leggen tussen (primair) onderwijs, culturele instellingen en amateurverenigingen maar verwacht daarbij dan ook een actieve inzet vanuit de overheden.

(bron: Bart van Meijl, voorzitter KNMO)

 

OMF opent weg deelname jeugdorkesten aan concours

Het bestuur van de OMF heeft besloten om jeugdorkesten voortaan een mogelijkheid te geven deel te kunnen nemen aan een concours. Dit op veler verzoek van haar leden. 

Aan de concoursen wordt in de toekomst naast de bestaande divisies een Festival/Jeugd divisie toegevoegd.  Deze divisie gaat vooraf aan de 5e divisie, en is vooral bedoeld voor jeugdorkesten.

In deze divisie spelen de deelnemers een inspeelwerk,  een groot werk naar keuze en een ‘lichter’ werk naar keuze, bijvoorbeeld een mars of een werk met solist, of iets dergelijk. Er worden wel punten gegeven, maar promotie is niet mogelijk.

Nieuwe muziekbond KNMO van start

Met het vaststellen van statuten van de nieuwe landelijke organisatie is de fusie van de KNFM (Koninklijke Nederlandse Federatie van Muziekverenigingen) en VNM (Verenigde Nederlandse Muziekbonden) per  1 januari 2014 een feit.

Alle muziekverenigingen zijn nu in één provinciale regionale bond ondergebracht. In Fryslân was dat met veel verenigingen al het geval. De laatste 31 verenigingen van KNFM Fryslân zijn nu ook toegetreden tot de OMF. Heel hartelijk welkom in de gelederen van de OMF. We hopen met elkaar  tot een goede samenwerking te komen.

2400 verenigingen

De nieuwe muziekkoepel met de werknaam KNMO (Koninklijke Nederlandse Muziek Organisatie) waarin de regionale en provinciale zelfstandige bonden zich verenigen, behartigt de belangen van 170.000 leden in 2.400 verenigingen die zich toeleggen op activiteiten binnen een  showkorps, brassband, slagwerkensemble, harmonie, tamboerkorps, majorette, fanfare, twirl, blaaskapel, colorguard of drumband.

In Fryslân zullen de verenigingen die zijn aangesloten bij de KNFM, afd. Friesland collectief overgaan naar de OMF  (Organisatie van Muziekverenigingen in Fryslân).Besturen van deze beide organisaties hebben al samen om de tafel gezeten en zijn in elkaar geschoven. Er zullen 4 doelgroepen worden ingericht, te weten  doelgroep Blaasmuziek, doelgroep SMP, doelgroep MTC en doelgroep Jeugd & Educatie. Aan de hand van deze organisatie is ook structuur gegeven aan de nieuwe website van de OMF.

De algemene ledenvergadering is op zaterdag 8 februari 2014. De OMF is er van overtuigd dat met de fusie een sterk bolwerk tot stand gekomen is.

Wettelijke bepalingen steunstichting SBBI

De wettelijke bepalingen met betrekking tot de steunstichting SBBI zijn op 22 juni 2012 in de Staatscourant geplaatst en daarmee in werking getreden.

De wettelijke bepalingen bevatten nadere voorwaarden die aan een stichting worden gesteld om als steunstichting SBBI te kwalificeren. Bij giften aan een steunstichting SBBI komt de gever in aanmerking voor toepassing van de giftenaftrek (giftenaftrek geldt doorgaans alleen voor giften aan algemeen nut beogende instellingen). De steunstichting SBBI kan aangemeld worden bij de Belastingdienst in Den Bosch. Vervolgens vindt binnen zes weken bekendmaking plaats van het bestaan van de steunstichting op www.belastingdienst.nl. Daaruit blijkt ook in welk jaar aftrekbare giften in aanmerking kunnen worden genomen. Als er geen publicatie plaatsvindt omdat er strijdigheid is met de voorwaarden krijgt de steunstichting hiervan bericht. Door de publicatie is het voor steunstichtingen en begunstigers duidelijk of de gift aan de steunstichting in aftrek kan komen op het inkomen of de winst. Meer informatie over deze procedure is te vinden op de website van de Belastingdienst.

De nadere voorwaarden waaraan een steunstichting SBBI moet voldoen zijn:De stichting moet uitsluitend zijn opgericht met het doel geld in te zamelen ten behoeve van een SBBI. De SBBI moet zijn aangesloten bij een landelijke representatieve koepel op het gebied van sport of muziek. De VNM is een dergelijke landelijke representatieve koepel.Het door de stichting ingezamelde geld mag uitsluitend bestemd zijn voor een bijzondere investering of uitgave ter gelegenheid van de viering van een 5-jarig bestaan of een veelvoud daarvan (10, 15, 20 jaar etcetera). Uit de statuten en feitelijke werkzaamheden moet de wijze blijken waarop invulling wordt gegeven aan de viering.

Het bestedingsdoel is verder vrij en er is geen limiet, zolang de besteding maar direct verband houdt met de viering en niet dient ter dekking van normale exploitatiekosten. Het is dus mogelijk om het geld in te zamelen in het kader van bijvoorbeeld een 5-jarig jubileum en dit geld bijvoorbeeld te besteden aan uniformen, muziekinstrumenten, buitenlandse reizen, educatieve of andere projecten.De stichting moet in haar statuten aangeven in welk kalenderjaar zij als Steunstichting SBBI wil kwalificeren. Alleen in dat jaar kunnen schenkers gebruik maken van de giftenaftrek. De Steunstichting moet in haar communicatie ook duidelijk aangeven wat het doel van de stichting is en in welk jaar zij als Steunstichting SBBI kwalificeert.

De ingezamelde gelden moeten in het kalenderjaar van de viering, in het voorafgaande kalenderjaar of uiterlijk in het kalenderjaar na de viering worden besteed.Een bij opheffing van de stichting eventueel batig liquidatiesaldo moet worden besteed ten behoeve van een ANBI. Naast deze voorwaarden zijn nog een aantal voorwaarden opgenomen over de bezoldiging van bestuurders en de inrichting van de administratie van de steunstichting. Voor de viering van het 5-jarig bestaan of een veelvoud daarvan kan per SBBI maar één stichting als steunstichting SBBI kwalificeren.